maandag 28 februari 2011

35

Gescheiden van een licht gevoel, en van het leven,
In een kamer vol tederheid en donkerste daden,
Herhaalde ik de zoete woordjes van jouw liefde,
Waarvan ik vervreemd was terwijl ik het niet wist.

Misschien was de waarheid een kraakhelder laken
Besmeurd met leugenachtige stiltes die geloofden
Wat liefkozend laf geworden reizen streelde, dwaas,
Onbezonnen kinderdroom gevangen in vergetelheid.

Mijn lichaam vervuld met warme rivieren
En liefkozingen geproefd op mijn lippen,
Met een schaduw die de woorden steelde.

Ik fluisterde verzonnen liefde de nacht in,
Sloot mijn ogen in de diepste donkerte
En wachtte. Ik wachtte op jou, mijn liefste.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten